Koken: Wijn maken
Zo, Janneke is weer een paar weekjes de hort op. Kunnen wij elkaar eens fijn diep in de ogen kijken en het hebben over Dingen Die Er Toe Doen. Onder het genot van een goed glas wijn, natuurlijk. Zelfgemaakt. Want zelf drank maken is namelijk helemaal niet moeilijk.
De alcohol in wijn, of enige andere drank, is een bijproduct van gistcellen bij het verwerken van suikers. Deze cellen eten dus suiker en plassen alcohol. Wat een leven. Helaas zit daar wel een limiet aan. Bij een alcoholpercentage van 15 procent overlijden de gistcellen, vergiftigd door hun eigen uitwerpselen. Wat een dood. Dat maakt dat je zonder kunstgrepen nooit drank kunt maken met meer alcohol dan het voorgenoemd percentage. Die gist is verbazingwekkend makkelijk te krijgen. Broodgist uit de supermarkt kan gerust voor een eerste zelfbrouwpoging. En suiker, dat vormt evenmin een probleem. Dat vind je gewoon in je keukenkastje. Lekkerder wordt het natuurlijk als je de suiker uit fruit gebruikt. Denk aan druiven, uiteraard, maar ook appelen, pruimen, vlierbessen of bramen.
Ingrediënten voor een eenvoudige bramendessertwijn:
- een emmer van voedselbestendig plastic (met een beetje mazzel gratis te halen bij de lokale snackbar)
- elastiek
- plastic folie
- een half zakje gist
- 1,5 kilo kristalsuiker
- 3 kilo rijpe bramen (zie wildplukwijzer voor openbare vindplaatsen)
- 2,5 liter water
- een halve liter sinaasappelsap
- een stuk slang om te hevelen
Breng, een dag voordat je de wijn gaat maken, de sinaasappelsap in een pan met 50 gram suiker aan de kook en laat afkoelen tot kamertemperatuur. Klop er met een garde lucht in. Doe de gist erbij en laat het mengsel een dagje staan. De gist zal zich vermenigvuldigen.
Was de bramen en stamp ze fijn in de emmer. Los de rest van de suiker op in het water en voeg dit toe aan je bramenpulp. Meng er je gistsmurrie doorheen. Dek de emmer af met plasticfolie en zet de folie losjes vast met het elastiek. Zo kan het koolzuurgas ontsnappen langs de randen. Zet de emmer op een warme plaats. Roer regelmatig. Giet of hevel na ongeveer een week de wijn af van de bramenpulp. Pers de rest goed uit. Zet de bramenwijn, met nieuw folie, op een koelere plek (een graad of 15) tot hij na twee maanden tot zes maanden gebotteld kan worden. Hevel je wijn in schone wijn- of PET flessen, en laat hem nog een half jaar verder rijpen alvorens hem te ontkurken. Niet al te verfijnd en of hij lekker is moeten we nog maar zien, maar hij Is wel zelfgemaakt. En dat is wat er toe doet.



