Naast enkele elementaire beleefdheidsnormen en de verzorging van je wandelende tak, is het koken van een ei iets wat je leert van je moeder. De mijne bracht op zondagochtend een steelpannetje met water aan de kook en legde er voorzichtig, met een lepel, vijf eieren in. Ze zette, zodra het water weer kookte, de wekker op vijf minuten.
Vaak barstte een ei en verspreidde zich een wolkje eiwit door het kookwater. Het eiwit stolde en vormde een grillige uitstulping tegen de gespikkelde schaal. Nadat in het paasnummer van een damesblad had gestaan dat een scheutje azijn het uitvloeien beperkt, kookte zij onze zondagse eitjes in azijnwater.
Een simpel speldenprikje in de bolle kant van het ei had barsten kunnen voorkomen. Eieren hebben aan de bolle kant een luchtkamer. Naarmate een ei ouder wordt, droogt het uit en wordt die luchtkamer groter. Geconfronteerd met water van 100ºC begint de lucht in de kamer uit te zetten en barst het ei.



