Berichten in de categorie Brood

Deze zomer gaan wij voor het eerst sinds jaren niet op kampeervakantie naar  de Veluwe. De afgelopen weken heb ik mezelf -als er weer een herfstig buitje viel- regelmatig gefeliciteerd met deze  beslissing. Toch mis ik de dennenlucht van het bos waar we altijd staan ook een beetje. En het geklooi rond de tent. En het karretje bij de ingang van de camping waar zoon en dochter iedere ochtend van die oer-Hollandse croissantjes en stokbrood gingen halen.

Dat stokbrood zit sinds jaar en dag verpakt in dezelfde papieren zak. Er staat een tekeningetje op van twee wijnglazen en een brandend kaarsje en daarnaast staat een  ‘serveersuggestie’ (een van mijn lievelingswoorden). ‘Snij het brood in de lengte door, bestrijk beide helften met leverworst en verwarm het in de oven. Garneer eventueel met augurken’.  Ik genoot ieder jaar zeer van die zak. lees verder

‘Goedenavond dames en heren, fijn dat u er allemaal weer bij bent. En een hele goedenavond voor de kijkertjes thuis natuurlijk. Deze week in Op de bres voor een broodje gaan we het hebben over het broodje halfom.

Kent u hem nog, het broodje halfom? We hebben het ons publiek voor de uitzending gevraagd. Slechts 40 procent van de aanwezigen heeft dit jaar nog een broodje halfom gegeten. En het jaar is al half om! 15 procent van het publiek wist niet eens precies te vertellen wat er op een broodje halfom zit.

lees verder

Vrijwel iedereen associeert de Costa Brava, het noordelijke deel van de Spaanse westkust, met megadisco’s, Hollandse supermarkten en roodverbrande bierbuiken. Maar nog geen twintig kilometer van waldolala-oorden als  Lloret de Mar en Blanes is het wonderschoon en doodstil, constateerde ik vorige week tijdens een korte vakantie.

Daar, ergens bovenop een berg, middenin een natuurgebied, langs een pad uit de middeleeuwen (lees: diepe kuilen, gruwelijke afgronden, roofvogels met een indrukwekkende vleugelspanwijdte) stond ons vakantiehuis. lees verder

Bij een vorige aflevering van deze rubriek ontstond wat discussie over de wenselijkheid van verdoven voor de slacht. De conclusie was grofweg: hoe lager de diersoort, hoe minder druk men zich maakt – en moét maken. Het moet ook niet te gek worden. Voor je het weet, moet je je al schuldig voelen om het ombrengen van een pan mosselen.

Maar intussen is een uitzondering te binnen geschoten: de octopus. Dat is een evolutionair nederige mollusk, een slak. Een reguliere slak is gewoon sloom, maar een octopus is eigenschappen als behoedzaam, belangstellend en leep toe te dichten.

Duikers zeggen dat de achtarmen ze onder water echt aankijken, contact zoeken – ‘hogere’ vissen doen dat zelfs niet. Een tijdje terug was er in een Amerikaanse dierentuin zelfs een octopus die iedere nacht vanuit zijn aquarium naar de aanpalende garnalentank sloop om te snacken. Hij deed steeds netjes achter zich de deurtjes dicht. De oppassers krabden zich weken op hun achterhoofd over het mysterie van de verdwijnende garnalen – tot ze de octopus op heterdaad betrapten.
lees verder

Waarschijnlijk leest u dit stukje terwijl u de eerste maaltijd van de dag aan het nuttigen bent. Grote kans dat u dit doet aan de eettafel met een boterhammetje smeerworst en een beker melk. Of misschien dat u meer bent van het koppensnellen terwijl u op volle snelheid een bruine met kaas aan het aanrecht naar binnen werkt. Of wie weet hebben we in uw geval te maken met iemand die zijn ochtendrituelen voor de treinreis bewaart en onder het genot van een kopje koffie to-go onze pennenvruchten doorneemt. lees verder

Ik heb het al eerder gehad over mijn fascinatie voor ‘American road food’. Of correcter: voor wat ik me daarbij voorstel. Ik ben namelijk nooit in Amerika geweest en heb het dus nog nooit gegeten. Praktische bezwaren (vliegvrees, zwangerschappen) weerhielden mij tot nu toe van een rondreis door de uitgestrekte staten van the US of A. Plus de angst dat ik – zoals ik eerder al eens schreef – op de terugreis niet meer in mijn vliegtuigstoel pas.

Op de website van Amerikaanse kookboekenschrijfster Dorie Greenspan vond ik een recept voor een chili con carne-schotel, afgedekt met maïsbrood. Mijn hart ging direct sneller kloppen. Gelukkig smaakt zo’n voedzaam Amerikaans bonenschoteltje ook prima aan je eigen keukentafel, heb ik gemerkt. lees verder

 Het is weer zo ver: kerstpakkettentijd. Mazzelaars krijgen een theaterbon, spelcomputer of lcd-scherm, maar de meerderheid wordt verblijd met een verhuisdoos vol houdbare levensmiddelen en een presentje, vaak geheel in stijl volgens een bepaald thema. Als ik naar de veroveringen van vrienden en familie kijk, zijn het tapas-pakket, het American-style thema en de Hollandse variant veruit het populairst.
 Ik kreeg ooit een kerstpakket met een Aziatische tintje. In de enorme doos zat naast een wok en eetstokjes ook noodles, rijst, tjaptjoi-mix, sambal, sushibladeren, een sudokuboekje en een klein receptenboekje. Ze hadden net zo goed een menu van de lokale afhaalchinees kunnen inlijsten, want de wok kon ik na één kookbeurt al weggooien en de tjaptjoi – er hoeft alleen water bij –  was niet te eten. Met het sudokuboekje heb ik me trouwens wel een paar uur goed vermaakt.  

lees verder

Ik leid een dubbelleven. Een paar dagen per week zit ik thuis met mijn laptop, op blote voeten of met dikke sokken aan, al naar gelang het jaargetijde. De rest van de week bedenk ik ‘s ochtends welke leuke laarzen ik zal aantrekken, om een uur later ‘hoe was jouw weekend?’ gesprekken te voeren bij het koffieapparaat.
Alles heeft voor- en nadelen, maar thuiswerken heeft voor mij toch één onovertrefbaar pluspunt: wie kantoor houdt in de keuken, kan haar hele werkdag rondom eten programmeren. Beginnen met echte, lang gekookte havermout als ontbijt, dan de sudderlappen voor het avondeten vast opzetten, en halverwege de dag een luie, warme lunch. Niemand die controleert of je wel productief genoeg bent, dus vooruit, we kijken ter ontspanning ook nog even de vólgende Tell Sell commercial.

lees verder

Toen ik hier op IJburg kwam wonen verwachtte ik niet dat er veel zou groeien in mijn achtertuin. Onze eengezinswoning was immers gebouwd op opgespoten zand. De tuin werd dan wel opgeleverd inclusief een laag aarde, maar die was slechts een halve meter diep. Alles met lange wortels zou het hier – leek me – niet volhouden.
Maar de flora doet het verrassend goed op het schrale zand. De sering  moet regelmatig worden gesnoeid wil ik mijn schuur kunnen blijven bereiken en aan de klimroos bloeien ieder voorjaar wel honderd sneeuwwitte bloemen. De enige plant die het maar niet wil doen, is de druif.  Drie pogingen strandden al. Aan de zandgrond kan het niet liggen want bij de buren groeien tot mijn grote irritatie weelderige ranken langs  pui en schuur. Ach ja. Het gras is altijd groener aan de andere kant van de schutting. Ook in de vinex.
lees verder

In de vinexwijk waar ik woon, zie ik regelmatig gloednieuwe babybadjes en buggy’s bij het grofvuil staan. Prima spullen die op dinsdag zonder pardon in de vuilniswagen verdwijnen. In een kinderrijke buurt als dit is een kringloopwinkel eigenlijk onontbeerlijk. Al die driewielers en rollerskates waar kleuters al na een half jaar uitgegroeid zijn, kunnen dan tenminste doorgegeven worden. Met een aantal buurtbewoners hebben we een plan ingediend om hier zo’n winkel op te zetten, maar dat is helaas nog niet van de grond gekomen.

Ook eten weggooien vind ik steeds onverkwikkelijker. Na het grootschalige diner van vorige week had ik allerlei lekkere dingen over en daar heb ik nog dagen plezier van gehad. Deze week een aantal ideeën voor fijne rest-recepten. Vrees niet: dit worden geen deprimerende stukjes waarin om de haverklap het woord ‘kliekje’ valt. Ik word altijd een beetje treurig van die uitdrukking. En zeg nu zelf:  Drie kippendijtjes, een zak geraspte parmezaanse kaas, twee ons gepelde walnoten en een half kletzenbrot, dat kun je toch geen kliekjes noemen? Dat zijn goddelijke ingrediënten. lees verder