Berichten in de categorie Thais

In Thailand is het in de grote steden mogelijk om een cursus Thais koken te doen. De dag begint met een bezoekje aan de lokale markt waar je de ingrediënten voor de gerechten bij elkaar sprokkelt. Vervolgens ga je kokkerellen en leer je tussen de vijf en tien Thaise gerechten maken. Aan het eind van de dag ga je naar huis met een klein kookboekje en een certificaat.

Ik was eigenlijk van plan om nog zo’n cursus te gaan volgen, maar ze worden helaas niet overal gegeven. Daarom zocht ik mijn heil in de keukens van de guesthouses waar ik logeerde. Complete families stonden vol enthousiasme elke avond klaar om me alles over de Thaise cuisine te leren.

lees verder

Toen man vorig jaar veertig werd, besloten wij dat te vieren met een écht feestje. Dus geen getut met gehuurde partytafels en werkstudentes die je jas aannemen. Niet zo’n mutsige partij waarop iedereen met een glaasje chardonnay in de hand staat te converseren over hun tuinontwerp en hun nieuwe au pair. Nee, een echt koel feest. Met chips, live muziek en kratten lauw bier. Het werd hoog tijd, vonden we, dat de boel weer eens ouderwets uit de hand liep.
En ja, het werd een mooie avond. Er werd muziek gemaakt,  slap geouwehoerd en zelfs even, voorzichtig, gedanst. Maar toen sloeg de klok één uur en was de betovering verbroken. Binnen vijf minuten was de kamer vrijwel leeg. ‘Morgen weer naar judo/hockey, moet om half acht op het veld staan, je weet hoe het is.’
lees verder

Mag ik een warm applaus voor onze speciale gast van deze week. Dames en heren, jongens en meisjes, ik heb het genoegen u te mogen presenteren, niemand minder dan, en laat ik nog even benadrukken hoe bijzonder het is dat hij in ons midden kan zijn, we zijn lang bezig geweest met de voorbereidingen, maar het is ons gelukt, hij ís hier, en dus, dames en heren, jongens en meisjes, wil ik graag uw warmste applaus voor: het ei.

Ach ja, het loopt tegen Pasen, laten we het weer eens over eieren hebben. Die ene week per jaar dat ze er zelf om vragen zou het toch onaardig zijn ze te negeren. Een ei is doorgaans onzichtbaar. Het is er wel, het is er altijd, maar eist niets. Het dient. Het faciliteert. Zonder een ei geen cake, geen mayo, geen soufflé, geen smeuïg gehaktballetje, geen omelet.  Een ei offert zich op ter meerdere glorie van zijn collega-ingrediënten. Een ware keukenheld dus. En deze week mag-ie even in de schijnwerpers. lees verder

Eindelijk lente. De eerste blaadjes tekenen zich aan de bomen, het eerste groen piept uit de grond. Op plekken waar de zon wel kan komen en de wind niet, kun je je al zomaar even rijk rekenen, het bleke wintersmoeltje warmend aan de eerste stralen. (Eindelijk! Had ik dat al gezegd?)

Zo’n nieuw seizoen – ook nog eens een van de vrolijkmakendste – moet worden gevierd. En dit zou geen kookrubriek zijn als ik daarmee niet zou bedoelen: gevierd aan tafel. Dus so long erwtensoep, auf wiedersehen boerenkool, we stappen over op frisse voorjaarskost. lees verder

Mijn zonen hebben herfstvakantie. Terwijl zij zich aan de keukentafel onledig houden met gogo’s, Donald Duck en Monopoly, doe ik hetzelfde aan het aanrecht. Zomaar een beetje klooien met ingrediënten. Wat dingen uitproberen. Zónder dat er vanavond per se iets eetbaars op tafel moet staan.
Een van de dingen die ik al een tijdje wilde testen is of je Japans sushi-zeewier kunt frituren tot krokante chips. Laat me dat even uitleggen. (Voordat je denkt dat ik compleet gaga geworden ben onder druk van een dagelijks kookstukje in de krant.)

Dit voorjaar was ik in Thailand. En in elke Thaise supermarkt lagen stapels aluminiumzakjes in alle kleuren van de regenboog. Er stonden Thaise letters op die waarschijnlijk essentiële informatie gaven over de inhoud, maar die ik natuurlijk niet kon lezen.

lees verder

 
Met mosselen kun je alle kanten op. Het lijkt verdorie wel kip, zo veelzijdig. Je kunt ze koken, stomen, bakken, grillen, gratineren. Je kunt er de Zuid-Europese, de Arabische of de Aziatische kant mee op. Dat laatste doen we vandaag, met een recept voor Thais geïnspireerde mosselen, gekookt in kruidige kokosmelk.

Voor 2 personen, of als voorgerecht voor 4:

  • 1 stengel sereh (citroengras)
  • 2 – 3 lenteuitjes
  • een handje verse koriander
  • 1 eetlepel arachideolie
  • 1 el Thaise rode currypasta
  • ½ blik kokosmelk (200 ml)
  • 1 kilo mosselen, afgespoeld en geïnspecteerd op kapotte exemplaren

lees verder

De warmste dag van onze pan-Aziatisch week, dat vraag om yam. Yam is de Thaise naam voor salade. Het betekent iets als ‘door elkaar husselen’ en dat is precies wat we vandaag gaan doen.

Zuur, zout, zoet en pittig en bovendien knapperig en fris zijn onderstaande yam’s. Geen van beide authentiek, maar onder mijn handen ontstaan op dagen dat ik innig verlangde op een Thais strand te zitten in plaats van achter mijn Haagse pc, en zelfs geen tijd had om naar een toko te fietsen voor typische yam-ingrediënten als rode sjalotjes, langbladige koriander, jonge gemberwortel en gedroogde garnalen. Supermarktyam dus.  
 

lees verder

Ching po liang: een zakje in rood, wit en paars plastic. Lotuszaden, leliebloemen, gerst, bataat, foxnoot, longan en polygonatum. Althans, zo beweert het stickertje op de achterzijde.

Elk onderdeel is apart verpakt, duidelijk zichtbaar achter het kijkvenstertje. Alleen naar wie wat is moet ik gissen. Vijf roodbruine ingedroogde vruchtjes (de longans?) keurig gecompartimenteerd naast een bundeltje verkalkte teennagels (voorheen de leliebloemen, vermoed ik) en een bergje parelende (ja, dat moet haast wel) gerstekorrels.

In plaats van in de file te gaan staan voor het tuincentrum, besloot ik dit paasweekeinde mijn voorraadkast eens grondig uit te mesten. Zo stuitte ik op een zakje Chinese soepmix van het merk Golden Lily. Najaar 2006 aangeschaft bij Wah Nam Hong op de Gelderse kade in Amsterdam. De manier van verpakken, de enigmatische ingrediënten, plus mijn zwak voor Aziatische soepen, ik móest het hebben. Nu moet ik het weggooien. Tenminste houdbaar tot 30 – 12 – 07. lees verder

Thai ontbijten niet. Nou ja, ze ontbijten wel, maar noemen dat beslist niet zo. Thai eten namelijk de hele dag door. Vijf, zes, zeven keer per dag hurken ze neer om een kommetje noedelsoep op te slurpen, een gefrituurde donut in een beker hete sojamelk te soppen, of om van vers fruit met chilidip te smikkelen. Er zijn geen officiële ontbijtgerechten, net zo min als er dingen zijn die je alleen na zonsondergang eet.

Ik ontbijt ook nooit. Dat wil zeggen, de eerste uren na ontwaken krijg ik mijn keelgat slechts geopend voor hete koffie en, alleen als iemand aanbiedt het te maken, verse jus, en nergens anders voor. Maar geef me tot een uur of tien, half elf en ik val met liefde aan op maaltijden die doorgaans versleten worden voor ‘avondeten’. Een van de redenen waarom ik me zo thuis voel in Thailand, vermoed ik.

lees verder

Na drie wekenlang drie keer per dag Thais eten, is het even wennen thuis. Oké, de eerste avond spaghetti met tomatensaus was genieten. Maar de volgende ochtend dacht ik alweer: waar is de rijstsoep? Waar zijn de gestoomde dimsum? Waar is de verse papaja? En tegen lunchtijd begon ik me af te vragen: waar blijft mijn bordje gebakken rijst, waar mijn glasnoedelsalade, waar mijn Singha-biertje?

Het liefst zou ik direct op de fiets stappen richting Aziatische supermarkt. Om watermimosa te kopen, verse kokosnoot, tamarinde en jonge gember. Maar er moeten wassen gedraaid, kinderen naar school, stukjes geschreven. Dus kan ik het beter praktisch houden. Niet te ingewikkeld, geen al te exotische ingrediënten, maar wel die fantastisch frisse, uitgebalanceerde smaken waar de Thai zo goed in zijn. Zoiets als onderstaande yam woon sen gung, een salade van glasnoedels met garnalen en selderij.

lees verder