Yvonne en degene met wie ze tafel (en vermoedelijk ook bed)
deelt, werken beiden in Den Haag, terwijl ze in Amsterdam wonen.
Den Haag is een hartstikke leuke stad om te wonen, hoor!
Tijdwinst: dagelijks 2 keer een uur. Weet je wel wat je in die
tijd allemaal kunt koken?

Noodgedwongen verzamelden de P’s een heel assortiment
speed-recepten, zoals Speedy courgettes. Een lekker snel recept -
het stond gisteren binnen 15 minuten op tafel, voor pasta met
een saus op basis van groente. Yvonne raadt aan (koel)verse pasta
te gebruiken, omdat die sneller klaar is dan gedroogde. Daar voeg
ik nog twee adviezen aan toe.

lees verder

Op www.nrc.nl/kokenetc hebben de eerste speed-kokers zich aangemeld. Van
Petra de Hamer mag elke next-dag een speed-kookdag worden. Ze schrijft dat
je aardappels snel kunt bereiden door ze, geschild en in kleine stukken,
iets minder dan 5 minuten te koken en daarna op hoog vuur te bakken in een
koekenpan met een klontje boter en een scheut olijfolie. Goed idee.
Buikvullers zijn bij speed-koken het grootste obstakel. Aardappels hebben,
wanneer je ze als geheel kookt, zeker 20 tot 25 minuten nodig. Nieuwe
aardappels overigens iets korter dan oude.

lees verder

Maar dat sappige rode vlees, die glibberige noedels en
knapperige groenten zien er wel heel pucka uit. Dus toch aan de
slag. Met een stopwatch. Want als meneer Oliver exact gaat lopen
doen, kan mevrouw Vreugdenhil dat ook.

Omdat ik vooraf het recept heb doorgenomen – een dure
tijdsinvestering die ik niettemin iedere speed-koker kan
aanbevelen, begin ik met een grote pan water op het vuur te
zetten (34 sec.). Pas daarna verzamel ik alle ingrediënten op
het aanrecht (1 min. + 12 sec.). Ik snijd een halve rode ui in
ringen (29 sec.) en schil en snijd 2 cm. verse gemberberwortel
in plakjes (37 sec.) Een rode chilipeper gaat doormidden, de
zaadlijsten gaan eruit en hij eindigt in dunne ringetjes (1 min.
+ 6 sec. inclusief handen wassen met zeep). Ik borstel een
handvol oesterzwammen en shi-itakes schoon en scheur ze in
stukken (1 min. + 3 sec.); een Shanghai-paksoi gaat in vieren (
16 sec.) Ik wrijf 115 g biefstuk in met 1 eetlepel olie, zeezout
en 1 theelepel komijnpoeder (26 sec.) Voor de benodigde bouillon
schep ik 2 dl uit de pan met inmiddels kokend water en los er een
theelepel bouillonpoeder in op (21 sec.). In het kokende water
gaat 115 g mihoen die volgens de instructies op de verpakking 4
minuten moet weken. Ik verhit een koekenpan op hoog vuur (1 min.)
en schroei het vlees aan twee kanten (1 min. 30 sec.). De ui,
gember en chilipeper bak ik mee (2 min. + 15 sec.). Erbij gaan
de paddestoelen, paksoi en bouillon. Het duurt even voordat de
boel weer kookt en de groente een beetje meegeeft (2 min. + 36
sec.). De noedels heb ik inmiddels in een vergiet laten uitlekken
en gaan ook in de pan ( 42 sec.). Ik proef of er nog zout en
peper bij moet. Nee (8 sec.). Het vlees haal ik uit de pan en
snijd het in plakken (18 sec.) Tot slot schep ik de noedels en
groente in een grote kom, leg het vlees erop en schenk de
bouillon erover (23 sec.).

lees verder

Speed-koken is volgens mij dé oplossing voor de next-generatie. En
omdat ik mijzelf, in alle bescheidenheid, als grondlegger van deze nieuwe
culinaire stroming beschouw, mag ik de spelregels bepalen:

1speed-koken doe je in maximaal 15 minuten, gerekend vanaf het moment
dat je de koelkast opentrekt totdat je aan tafel zit

2 alle keukenapparatuur en kooktechnieken zijn toegestaan, waarbij
broodbakmachines en barbecues zich per definitie diskwalificeren

3niet koken mag ook, dus maaltijdsalades of uitgebreide sandwiches
behoren tot de mogelijkheden

lees verder

Ik zag een reusachtige bakslede met daarin een krokant gebraden speenvarkentje. Zijn bronzen zwoerd zag er uit om op te vreten, zijn staartje krulde van tevredenheid over de zorg waarmee hij in de keuken was omringd en in zijn guitige snoetje stak een glanzige rode appel. In zijn kielzog nam hij een schaal met wel honderd kleine torentjes van de smeuïgste aardappelpuree mee, even gegratineerd voor een knapperig bruin korstje. Vervolgens kwam er een taart voorbij met wel drie verdiepingen. De taart was vakkundig versierd met een dekentje van blanke marsepein en toefjes mokka-, advocaat- en pistachecrème. Eromheen lag een krans van handgemaakte suikerroosjes.

Toen ik mijn ogen opende liep het tegen half zeven en hadden mijn
kinderen zich uitgehongerd op de fruitschaal gestort. Zes lege
bananenschillen keken me beschuldigend aan.

lees verder

Wanneer je na zonsondergang door de Rua da Atalaia slentert, een straatje van nauwelijks twee meter breed in een oude volksbuurt in Lissabon, verwacht je eerder een donkere fadokroeg dan een bling-blingtent. Maar de schepper van Pap’Açorda heeft zich ongeremd laten inspireren door Tante Til. Roze op de muren, roze voor de mooie jongens in de bediening. Kristallen kroonluchters, marmeren lambrisering, alles glanst en glinstert. Op de kaart van zo’n restaurant verwacht je eerder gegrilde tuttuttut op een bedje van lalala met een dressing van nounounou dan originele Portugese pot. Hoewel, de naam verraadt het eigenlijk al: alles draait hier om Açorda.

lees verder

Oud brood. Iedereen heeft er wel eens last van. Maar er over praten, ho maar. Terwijl het toch zo bevrijdend kan zijn om, binnen een vertrouwde kring natuurlijk, je ervaringen te delen. Omdat taboe’s er zijn om doorbroken te worden, is deze kersverse kookrubriek in deze kersverse krant de gehele week gewijd aan oud brood. Kom maar door met die recepten en praat mee over het meest democratische ingrediënt denkbaar.

Een rondje Zuid-Europese keuken bevestigt mijn vermoeden dat elke
broodetende natie zijn eigen broodrecyclende processen kent. Bakken,
grillen en roosteren scoren daarbij hoog.

lees verder

Mijn geheugen leidt een eigen leven. Zodra ik op televisie een of ander hongersnooddrama voorbij zie komen begint mijn harde schijf automatisch met wissen. Waarschijnlijk een kwestie van system overload: groot leed past er niet meer bij. Gek genoeg blijkt er in dat eigenzinnige systeem wel plaats voor kleine noden. Zo zag ik ooit een reportage over Haagse eenden die ernstig leden onder Turks brood. Dat werd hun dagelijks in zulke hoeveelheden toegeworpen dat ze er ziek van werden.

Gisteren schreef ik in het introductienummer van nrc.next over brood, dat net zo snel veroudert als het laatste nieuws. Spontaan hoestte mijn grijze massa die slootbeelden weer op. Vandaag bel ik Diana van der Lely van de Haagse dierenbescherming en laat me de fijne kneepjes van het eendjesvoeren uitleggen. Eenden zijn
prima in staat hun eigen kostje bij elkaar te scharrelen. Maar als ‘t hun zo voor hun snaveltjes wordt gegooid, slaan ze een stukje brood niet af. Op zich geen probleem, behalve als het om besmeerde boterhammen gaat (foei patatpubers!) De boter of, waarschijnlijker, een armzalig surrogaatsmeersel maakt hun snavels en veren vettig. Het grootste probleem zit hem volgens Diana echter in de overvloed. Broodresten trekken ratten aan en
die ratten veroorzaken ziektes onder de eenden.

lees verder

Geweldig, zo`n nieuwe krant. Uitgever blij, taart en champagne op de redactie. Lezers blij, eindelijk een fatsoenlijke courant bij het ontbijt. Ik blij, elke dag een stukje schrijven. We vieren de hele dag feest. En morgen?

Dan zijn we nog steeds blij maar ligt deze krant bij het oud papier. De houdbaarheidstermijn van nieuws kan wedijveren met die van Frans stokbrood. Mijn in Parijs wonende broer loopt iedere ochtend even de deur uit voor een vers krantje en een verse baguette. Dat ritueel wordt als het even kan `s avonds herhaald.

Een fijne gewoonte, maar wat moet je eigenlijk met al die ouwe kranten en dat oudbakken brood? lees verder