Verleden jaar maakte ik tijdens een reis door India voor het eerst kennis met de kaassoort paneer. Ik proefde het niet alleen voor de eerste keer, ik was op straat ook getuige van het productieproces.
In een bedompt steegje zaten vijf paneermannetjes op een rijtje. Hun bips hadden ze in de modder gevlijd en in hun schoot stond een schaal paneer. De handen van deze mannetjes hingen tijdens het productieproces losjes langs het lichaam, maar het onderstel had het druk. Ik weet niet waarom deze mannetjes met hun blote voeten door de kaas aan het harken waren, maar ik at er niet minder paneer om. Toen ik na een maand weer op Nederlandse bodem stond, had ik zelfs één dringende vraag: waar koop je paneer?



