Berichten met de tag Bramen

Laatst had ik een kleuter te eten. Aangezien mijn eigen huishouden uit louter volwassenen bestaat, ben ik altijd licht nerveus als ik voor kinderen moet koken. Angstdromen over spaghettislierten die door de kamer worden geslingerd en vlekken die nóóit meer uit de placemats gaan, of  – het ergste wat je als thuiskok kan overkomen  – dat je gast naar het bord kijkt en zegt (of huilt, of schreeuwt): „Dat lust ik niet!”

Gelukkig bleek de kleuter in kwestie een makkelijke eter. Van tevoren had ik even geïnformeerd naar allergieën of wensen. De antwoordmail van zijn moeder stelde gerust: „Er zijn geen allergieën. En hij houdt van vis. En van kip. En van worst. En van pannenkoek. En van ei. En van stokbrood. En van aardbeien!” lees verder

Zo, Janneke is weer een paar weekjes de hort op. Kunnen wij elkaar eens fijn diep in de ogen kijken en het hebben over Dingen Die Er Toe Doen. Onder het genot van een goed glas wijn, natuurlijk. Zelfgemaakt. Want zelf drank maken is namelijk helemaal niet moeilijk.

De alcohol in wijn, of enige andere drank, is een bijproduct van gistcellen bij het verwerken van suikers. Deze cellen eten dus suiker en plassen alcohol. Wat een leven. Helaas zit daar wel een limiet aan. Bij een alcoholpercentage van 15 procent overlijden de gistcellen, vergiftigd door hun eigen uitwerpselen. Wat een dood. Dat maakt dat je zonder kunstgrepen nooit drank kunt maken met meer alcohol dan het  voorgenoemd percentage. Die gist is verbazingwekkend makkelijk te krijgen. Broodgist uit de supermarkt kan gerust voor een eerste zelfbrouwpoging. En suiker, dat vormt evenmin een probleem. Dat vind je gewoon in je keukenkastje. Lekkerder wordt het natuurlijk als je de suiker uit fruit gebruikt. Denk aan druiven, uiteraard, maar ook appelen, pruimen,  vlierbessen of bramen. lees verder

Ja, het is koud buiten. En glad. En het strooizout is ook nog eens bijna op. Ik hoorde over iemand die was gaan lopen met haar fiets aan de hand, en toen alsnog uitgleed en haar been op drie plaatsen brak. Treinen hebben vertraging. Oude mensen kunnen de deur niet uit. De vogeltjes hebben het moeilijk. Maar verder?

Ik zie kinderen de hele middag buiten spelen en buren elkaars stoep sneeuwvrij houden. De televisie toonde jongelui die boodschappen deden voor bejaarden. Er kan worden geschaatst. En ik durf te wedden dat ons over 9 maanden een klein geboortegolfje te wachten staat. Kortom, deze winter biedt ook genoeg om níet over te klagen. lees verder

Afgelopen dinsdag schreef ik over de preoccupatie van de Britten met voedsel van eigen bodem. Vandaag twee andere zaken die me opvielen in de Engelse supermarkt. Veel bekende Britse koks hebben een eigen productlijn. En in de strijd om de sympathie van de consument zetten producenten de meest hilarische teksten op hun etiketten.

Om het eerste te illustreren: Jamie Oliver leende zijn naam aan pesto en olijfolie. Ainsley Harriott’s blije hoofd staat op barbecuesauzen. Rick Stein zette zijn handtekening op haverbiscuitjes. Nigella Lawson en Anthony Worral Thompson doen in keukenapparatuur. En Hugh Fearnley Whittingstall (die man met lange krullen en een nerderig brilletje van The River Cotttage Cookbook) verkoopt brandnetelbier en yoghurt.
Uit nieuwsgierigheid kocht ik zo’n pot Rich Organic Live Guernsey Yoghurt van Hugh (zie www.rivercottage.net). De yoghurt was rijk en romig, en hoewel gehomogeniseerd beslist van zuivere komaf. Maar de nasmaak had iets metaligs, waardoor-ie het toch echt niet haalde bij de yoghurt van Helsett Farm waar we in Cornwall aan verslaafd waren geraakt.

lees verder

Als het over zomerfruittaarten gaat, zijn de meest ongecompliceerde recepten vaak de lekkerste. Een bodem van gemalen koekjes, een vulling van ricotta en mascarpone en een wagonlading zoet, sappig fruit. Meer heb je niet nodig.

60 g roomboter

250 g almond cookies (of digestives)

250 g mascarpone

250 g ricotta

125 ml slagroom

75 g suiker

geraspte schil van een (onbespoten) citroen

eventueel: 2 eetlepels limoncello (Italiaanse citroenlikeur)

ongeveer 600 g bramen

lees verder

Voordat ik de man leerde kennen, maakte ik kennis met zijn haan. Om half vier ’s nachts. En om vijf over half vier. Tien over half vier.

Ze zeggen dat de Fransen stug zijn, en dat ze, behalve misschien Louis de Funès en Coluche, geen gevoel voor humor hebben. Maar toen ik de volgende ochtend ’s buurmans erf opliep, toen ik een bod deed op zijn haan en hem verzekerde er goed voor te zorgen (een fles bourgogne, zilveruitjes, een stukje spek), bulderde hij van het lachen. Nee, zijn haan kon hij nog niet verkopen. Te jong, te weinig vet. Hij zou het beest in een stal verderop zetten. En dan moest ik maar eens un petit apéro met hem drinken. Dat zou mij vast goed doen.

lees verder

Toen mijn oudste zoon werd geboren kreeg hij van zijn opa en oma een moerbeiboom. We kozen een mooie zaterdag in maart als boomplantdag en Tijn kreeg voor de gelegenheid zijn eerste kaplaarzen en een spijkertuinbroek aan. Met veel ceremonieel getoast en een fotoreportage die ik nodig moet inplakken ging het jonge boompje de grond in.

Iedereen keek blij, inclusief mijn negen maanden oude baby die zwart zag van de modder. Maar uitgezonderd ik. Ik vond het maar een riskante onderneming. Want stel je voor dat het dat boompje niet goed zou vergaan? Dat ik zou vergeten het water te geven en bij te mesten? Stel je voor dat dat iele stammetje, die zwarte moerbei die symbool stond voor het leven van mijn zoon, het niet zou redden?

lees verder