Berichten met de tag Chorizo

Zoals iedereen fantaseer ik er wel eens  over om een totaal ander leven te beginnen. Om mezelf ergens ver weg helemaal opnieuw uit te vinden. Programma’s als Ik vertrek of Het roer om, waarin mensen huis, haard en huilende ouders in de steek laten, om in een onooglijk gat te gaan wonen waar het altijd mist en iedereen boos kijkt, kijk ik dan ook trouw.

Heel graag zou ik een keer een reportage zien over Anja en Jan Jacob Baak. Zij vertrokken in 2000 naar het hart van Schotland om aldaar een landgoed te beheren. Jan Jacob hield onder andere toezicht op de hertenpopulatie op het terrein. Van het een kwam het ander en inmiddels heeft het echtpaar een bedrijf genaamd Great Glen Game en maken ze van lokaal hertenvlees – in Schotland moeten  elk jaar zo’n 50.000 herten worden afgeschoten om de wildstand op peil te houden –  peperoni, salami, chorizo en bresaola.  lees verder

Iedere kok moet er minstens één hebben:  een ‘altijd-goed-recept’.  De maaltijd waar je haast geblinddoekt inkopen voor kunt doen, iets wat je zo vaak hebt klaargemaakt dat je, als je je pols gebroken hebt of door andere onvoorziene omstandigheden niet aan het fornuis kunt staan, vanuit een luie stoel je huisgenoot kunt instrueren.  Zo’n gerecht waar je minstens 1 x per maand aan denkt, als je even geen inspiratie hebt voor originele culinaire avonturen, en waar je je dan de hele dag stilletjes op verheugt omdat je wéét dat je die avond verschrikkelijk lekker gaat eten. Vandaag deel ik mijn altijd-goed-recept met jullie.

lees verder

In de supermarkt zijn weer verse studenten te vinden. Onbekend met passerende klanten en karretjesverkeer, staan ze vaak een beetje in de weg – hun moeder deed waarschijnlijk de inkopen. De blik schiet heen en weer tussen muntjes in de handpalm en het schap met afgeprijsde macaroni. Dat wordt weer smullen – bord op schoot, lauw biertje, aan de gipsmuur een Monet met punaises.

Maar wacht eens even. Het zou verkeerd zijn om daar misprijzend over te doen. Het is alweer even terug, maar de herinnering aan het extreem beperkte studentenbudget en de limiet die dit stelde aan de creativiteit in de van muizen vergeven Utrechtse studentenkeuken, is nog levendig. En de afkeurende blikken in de winkel van de, op hun beurt, stakkers die zich in de kille maatschappij bevonden, zijn zó oproepbaar.

Geldgebrek was trouwens niet de enige rem op fatsoenlijk koken. Het ontmoedigende culinaire benul onder de, uitsluitend mannelijke, huisgenoten hielp evenmin. Een van hen was gek op friet waarop pindasaus én komkommersalade was gestort, een ander ontbeet, lunchte en dineerde met kleine flesjes cola en eentje zwoer zelfs bij, dit is niet verzonnen, banaan met slayonaise – no further questions your honor.

lees verder

In vier dagen Lissabon kun je heel wat proeven van de lokale keuken. Eén gerecht op mijn verlanglijstje is echter niet gelukt: arroz de pato, rijst met eend. Niet dat het nergens op de kaart stond. Bij de meeste tasca’s (eethuisjes) kun je het bestellen voor het belachelijke bedrag van 4 of 5 euro. Maar dan lonkten de ameijoas a Bulhao pato (schelpjes in witte wijn) alweer, de frango no churrasco (kip van de barbecue) of de polvo lageirero (octopus met olijfolie). Het kwam er dus simpelweg niet van. En daarom besloot ik het gerecht bij thuiskomst maar zelf te maken.

lees verder

Het fijne aan tuinbonen is dat je er zoveel kanten mee opkunt. Van uiterst verfijnd (zie het recept van afgelopen maandag) tot prettig boers (dinsdag). Van soep tot puree tot salade (gisteren). Van Hollands tot Italiaans tot Libanees. Ik eet ze graag. Ik eet ze veel. Ik eet ze overal en op alle soorten manieren. Maar de tuinbonen die het meeste indruk op me hebben gemaakt zijn de bonen met ham, bloedworst en koriander die tijdens het seizoen worden geserveerd in een eenvoudig eethuisje in het Portugese Almodovar.

Almodovar is een dorpje van niks op een berg in de Alentejo. Je loopt er in een half uur, drie kwartier omheen. Dat weet ik toevallig omdat ik er na die eerste keer favas com coentros eten verschillende keren ben teruggeweest – vanaf Faro anderhalf uur rijdend over kronkelende bergweggetjes, misselijk van het slingeren, maar dromend over die oh zo grove, maar goddelijke bonenschotel – en er behalve eten en om het dorp heen lopen niet zo vreselijke veel te doen valt in Almodovar.  lees verder

Alle oerbroden, focaccia’s en designbroden ten spijt, soms gaat er toch niks boven een echt Frans stokbrood. Als je in Groningen woont heb je er weinig aan, maar voor Hagenezen heb ik een goed adres: Patisserie Philippe Galerne, op de Aert van der Goesstraat. Behalve le vrai baguette heeft-ie ook croissants en eclairs waar je je vingers bij opeet.

Voor 1 persoon:

50 g chorizo (vleeswaar), in plakjes

1 rijpe avocado

sap van ½ – 1 limoen

een snuf gemalen komijn

½ stokbrood

lees verder

Soms heb je opeens veel monden te voeden. Als bij de buren brand uitbreekt en het hele gezin trekt een paar dagen bij je in. Ik noem maar een voorbeeld. Als je net met de hele familie oma begraven en bedronken hebt en iedereen moet nog een eind rijden naar huis. Als je vrienden hebt uitgenodigd om te komen eten en die nemen nog wat vrienden mee en die ook weer. Of als je in de kroeg staat te borrelen en iedereen krijgt honger en begint te overleggen in welk restaurant er gegeten gaat worden, maar jij weet nu al dat je daar nooit zonder reservering met zo’n grote groep terechtkunt en dat je dan roept: we gaan gewoon naar mijn huis, ik maak wel wat.

lees verder

Feijoada is een gerecht waarvoor iedere Portugese kokkin haar eigen recept heeft. De basis vormen altijd bonen – feijao geheten – en meestal ook varkensvlees. Hoe meer soorten vlees, hoe rijker het gerecht. In de noordelijke provincie Tras-os Montes gaan er behalve de snuit en poot van een varken, soms wel drie soorten worst in: een linguica, een farinheira en een chourico de sangue.

Een linguica is een lange, dunne versie van chourico, gemaakt van een combinatie van vet en mager varkensvlees dat pittig op smaak wordt gemaakt met piri piri, knoflook en zout. De worst wordt vervolgens gerookt in een fumeiro, een rookoven. Een farinheira is de goedkoopste worstsoort die er bestaat. Er zit namelijk geen vlees in, maar slechts varkensvet, bloem en een paar smaakmakers. Een chourico de sangue is een bloedworst, gemaakt van varkensvlees, bloed, oud brood, wijn en warme specerijen als komijn en kruidnagel.

lees verder

Loop door een willekeurig toeristenstadje in de Algarve en je ziet hem overal schitteren: de koperen cataplana. Het is een soort dubbele wok, waarvan de twee helften door middel van klemmetjes hermetisch zijn af te sluiten. De pan is speciaal bedoeld om een gerecht met schelpdieren, eveneens cataplana genoemd, in te bereiden.

In een van de helften worden uien, knoflook, pepertjes en soms worst en ham gebakken. Na toevoeging van de schelpdiertjes gaat de andere helft er als een deksel op. Op die manier stomen de schelpjes open en worden alle aroma’s gevangen. Na een paar minuten wordt de pan omgedraaid, opdat de warmte zich verdeelt. Een cataplana wordt altijd aan tafel geopend, zodat iedereen kan meegenieten van de goddelijke geuren.

lees verder