‘Een gevangenis is geen culinair paradijs’, schrijft Anna Trapido in Hunger for Freedom, een biografie van Nelson Mandela aan de hand van gerechten. Ik bestudeerde het boek om iets te weten te komen over de keuken van Zuid-Afrika.
Robbeneiland is een culinair paradijs voor wie er niet gevangen zit, had Trapido ook kunnen schrijven. In de Atlantische oceaan die het beruchte detentie-eiland voor de kust van Kaapstad omspoelt, sterft het van de vis, schaal- en schelpdieren. Je struikelt er over de parelhoenders en ander wild. Het gevangenispersoneel deed zich volgens Trapido dan ook dagelijks tegoed aan copieuze maaltijden.
Berichten met de tag Dadels
Er kwamen nogal wat nationale keukens langs de laatste tijd. We kookten twee weken Indiaas, een week Spaans en vrijwel meteen daar achteraan twee weken Grieks. Intussen ben ik vooruitlopend op het WK alvast aan het studeren op de Zuid-Afrikaanse keuken, ga ik binnenkort nog op culinaire ontdekkingsreis naar Noord-Portugal, en moet de zomervakantie, met alle vakantiegerechten van dien, nog beginnen.
Hoogste tijd voor een heel ander thema, dacht ik zo. Laten we het komende week gewoon eens hebben over dingen die lekker zijn. En dan bedoel ik dingen die lekker zijn, maar niet per se verantwoord. Zoetigheid. Taart. IJs. Koek. We koken in deze rubriek al zo vaak gezond. Het mag ook wel eens wat minder verstandig.
Ooit waren sigaretten zo salonfähig dat je ze bij een feestje in glazen op tafel zette. Bosbes herinnerde ons eraan op het nextkookblog. Toen ik het las ging meteen een luikje open, ergens op de afdeling jaren zeventig van mijn geheugen: 3 juni 1978.
Mijn ouders waren twaalfeneenhalfjaar getrouwd, een prestatie die gevierd moest worden. Een zaaltje was te duur, dus het feest was thuis, in onze donkerbruine woonkamer. De feestjurk van mijn moeder was er niet minder mooi om. De mijne ook niet trouwens; mijn moeder had hem zelf genaaid in een stofje waarvan we ook een tafelkleed hadden.



