Berichten met de tag ‘eieren’

Stemwijzer

Welkom bij de stemwijzer. Deze stemwijzer wordt u aangeboden door uw buurtsuper. De stemwijzer stelt u staat uw keuze te bepalen tussen de 22.638 artikelen in ons assortiment. Start nu de stemwijzer.

Deel 1 van de stemwijzer peilt uw profiel als consument. Kruis aan wat van toepassing is. Wat is uw leeftijd? Wat is de samenstelling van uw huishouden? Hoeveel bedragen de inkomsten van het huishouden op jaarbasis? Hoeveel tijd besteed u gemiddeld aan het bereiden van een maaltijd? Lijdt u aan voedselallergieën, zo ja welke? Eet u halal, makrobiotisch, kosher, vegetarisch?

Lees verder

Kaasdingetjes

Reeds lang voor ik naar Brazilië op vakantie ging, was ik voorbereid op de nationale snack. „Zoiets lekkers gegeten,” vertelde een vriendin me jaren geleden na een bezoek aan Rio, „queijo de queijo of zoiets.” Queijo de queijo? „Kaasdingetjes.” Klonk goed.

Pão de queijo, leerde ik ter plaatse, zijn ernstig verslavende kaasbroodjes die je in Brazilië overal op straat kunt kopen en waarvan in ieders vriezer een voorraadje ligt. Het is lastig ze precies te beschrijven. Broodjes ja, maar ze hebben ook veel weg van soesjes en zelfs wel iets van een kaascroissant.

De basis van pão de queijo is tapiocameel, de zetmeelrijke, fijngemalen bloem van de cassavewortel. Er gaat olie in, melk, eieren en fijngemalen harde kaas. In Brazilië noemen ze die kaas Parmezaanse kaas, maar laat een Italiaan dat maar niet horen.

Lees verder

O.P.R.

Deze week geen recepten van mij in de krant, maar Other People’s Recipes. Gewoon, omdat er zo veel mooie recepten in de wereld zijn die het verdienen gekookt en genoten te worden. Daarbij zou ik je graag eens voorstellen aan een aantal kookschrijvers die ik bewonder en wiens werk in Nederland niet zo heel bekend is.

De eerste dat het rijtje nodig-te-ontdekken-en-omarmen auteurs is Simon Hopkinson. ‘Het 21ste eeuwse antwoord op Elizabeth David’, schreef de Britse krant Telegraph ooit over hem. Hij werkte jaren als chefkok en is, samen met Terence Conran, eigenaar van het gerenommeerde Londense restaurant Bibendum.

In 1994 bracht hij zijn eerste kookboek uit, Roast Chicken and Other Stories, en dat was zo’n succes dat hij zijn koksbuis inruilde voor een carrière als culinair publicist. Sindsdien schreef hij nog vier kookboeken en had acht jaar lang een column in The Independant.

Lees verder

Water tot zout

De ruimte had de grootte van een klaslokaal, maar leek kleiner door een sluierende nevel. Het lage formica plafond huilde vette tranen. Zilte, warme lucht en drie vierkante bassins van roestvrij staal. Water met de kleur van opgedroogd snot. Het borrelde niet, maar liet af en toe een ploemp zien, als lava in een sluimerende vulkaan. Had ik niet geweten waar ik was, zou ik gegokt hebben op een Oost-Duits kuuroord.

Waar ik was, was in het heilige der heilige van The Maldon Crystal Salt Company. Hier geschiedde het wonder. Water tot zout. Een man met een doorzichtig plastic voorschoot en een wit petje joeg een hark die groter was dan hijzelf door het middelste bassin. Tegen de wand hoopten zich vlokkerige witte heuvels op. Ik stak mijn vingers erin. Het voelde als warme sneeuw.

Zoutpannen heb ik eerder gezien. In het zuiden van Portugal, op Sicilië en in Thailand. Een lappendeken van rechthoekige bekkens, waarin zeewater geduldig ligt te wachten tot de zon haar verdampende werk verricht, net zolang tot er niets rest dan grauwe zoutkristallen. Maar in Maldon schijnt de zon slechts mondjesmaat. Daar nemen ze het woord zoutpan letterlijk. Lees verder

Eierkoeken

Mijn zusje en ik waren ooit ernstig verslaafd aan eierkoeken. Om een of andere reden vonden wij die droge, kleffe frisbees het lekkerste wat er was. We besmeerden ze met boter, en als mijn moeder even niet keek strooiden we er ook nog een dikke laag suiker over.

Zelf heb ik mijn eierkoekverslaving allang ingewisseld voor diverse andere (slechtere) gewoontes. Maar het zou me niets verbazen als mijn zusje – die niet drinkt, niet rookt en iedere week sport, kortom een keurig, gezond leven lijdt – nog steeds niet van die eierkoeken af is. Ik sluit zelfs niet uit dat ze er nog altijd boter en suiker op doet. Lees verder

Omeletje dan maar?

Carnivoren die het doen met vegetariërs, delven binnenshuis het onderspit, zo blijkt uit de reacties op het kookblog deze week. Buitenshuis wordt de schade echter vrolijk ingehaald. Nou ja, vrolijk. Uit eten met de vegetarische medemens is niet altijd even lollig.
Op het kookblog schrijft ervaringsdeskundige Erik hoe jammer het is dat de meeste restaurants geen fatsoenlijke vegetarische gerechten op het menu hebben. Altijd weer die salade met geitenkaas… „Dat is dan toch vervelend als je een leuk avondje uitgaat.”
Inderdaad, Erik. Het is triest gesteld met de vegakeuken in Nederlandse restaurants. Staan er 15 vlees- en visgerechten op de kaart, kun je als dierenvriend kiezen uit pasta met pesto en pasta met pesto. En stort jij je als tafelgenoot maar eens vol overgave op je sappige chateaubriand, als je lief aan de overkant lusteloos in zijn of haar bordje zit te prikken.
Lees verder

Het land van de adelaar

Met de route van de Ronde van Spanje als kompas toeren we door de Spaanse keuken. We fietsen sneller dan de Vuelta-renners en arriveren vandaag al, twee weken voor het peloton, in Castilla-La Mancha. Hier, in het onherbergzame hart van Spanje, ruikt het indringend naar knoflook.
Dit is het land van Cervantes. Het land ook van Federico Bahamontes, de Adelaar van Toledo.
In 1957 werd hij tweede in het eindklassement van de Vuelta. In 1959 won hij de Tour de France. Een wielerlegende wil dat de Spaanse klimmer tijdens de Tour van 1954 bovenop de Col de la Romeyere van zijn fiets stapte en doodgemoedereerd een ijsje ging zitten eten in de berm. Het peloton haalde hij moeiteloos weer in.

Lees verder

Koken is een eitje

‘Als je wilt leren koken, begin dan met eieren’, aldus de Britse kookdiva Delia Smith. En hoewel een leger van critici over haar heen viel toen ze lang geleden op de nationale televisie het koken van een ei demonstreerde, vind ik dat ze daar groot gelijk in had. Je moet ergens beginnen en een eitje, of-ie nou gekookt, gepocheerd, gebakken of geroerd is, is een heel bevredigende maaltijd. Lees verder

Restje rijst

Soms kan simpel eten zo lekker zijn. Neem nu onderstaand recept. Gebakken rijst met gebakken eieren. Meer is het niet. Maar vergelijk het eens met ‘in olijfolie gegaarde tarbot met licht gegrilde tonijn, crème van artisjok en fondant van aubergine, jus van spinkrab en specerijen’ (Oud Sluis), met ‘tamme eend met korst van z’n huid, sesam, nori, wasabi en een jus van lapsang souchong, confit van de bout met collectie jonge groenten’ (De Librije), of met  ‘runderfilet met een rijke eendenleverpaté en gekarameliseerde uien, gewikkeld in bladerdeeg, met knapperige magere frietjes en een marchand-de-vin-saus’ (Beluga). Om maar eens een paar gerechten op te lepelen uit de menukaart van drie Nederlandse toptenten – volgens het blad Lekker zelfs de beste drie van ons land. Dan weet ik wel waar ik vanavond, op een doordeweekse dinsdag tussen werk en avondafspraken door, meer trek in heb. (Nog afgezien van de € 129 die ze voor zo’n bladerdeegflapje met friet durven vragen.)

Niks tegen sterrenrestaurants hoor. Heus niet. Je doet er de leukste ideeën op. Deze gebakken rijst met eieren bijvoorbeeld, at ik eens in Vong, een Aziatisch georiënteerd restaurant met 1 Michelinster in New York. Het bordje rijst kwam zomaar tussen een paar andere culinaire hoogstandjes door, maar bleef me van al die gerechten het meest bij. Juist vanwege die briljante eenvoud. Lees verder

Rauw geel

Puur en poedelnaakt, zonder smaakverdoezelende reut erdoor, zo zie ik sla het liefste. Maar, ik schreef het al eerder deze week, voor spek maak ik graag een uitzondering. Spek en sla, dat is net zoiets als Sam en Moos. Jip en Janneke. Ginger en Fred. Of als die twee oude mannetjes op het balkon in de Muppetshow. Setjes die de tand des tijds spijkerhard hebben doorstaan.

Naar aanleiding van mijn recept voor slasoep met spek schreef Maarten op het kookblog over molsla met uitgebakken spekjes, en dat je zo’n salade tiède (lauw) moet eten. Ik moest meteen denken aan een salade waar ik jarenlang van genoten heb, en volgens mij velen met mij, maar die de eenentwintigste eeuw desondanks niet lijkt te hebben gehaald. Lees verder