Berichten met de tag Kalfsgehakt

Liefhebbers van foie gras hebben altijd een mooi rijtje argumenten paraat om je ervan te overtuigen dat het niet wreed is om een eend of gans te dwingen meer te eten dan normaal door het beest een trechter op een stofzuigerstang door de strot te duwen.
 
Een eend ademt door een gaatje in zijn tong, dus stikt niet. De keel van eend is erop gemaakt om de snavel van moedereend te verdragen, dus het doet ook geen pijn. Dat die lever vervolgens zes keer zo groot wordt als normaal is ook geen enge ziekte. Zoals mensen een dikke buik (of dikke heupen) krijgen van te veel of te vet eten, zo slaan vogels hun vet op in de lever. Niets bijzonders dus.
 

lees verder

Goed, vroeger had je vast meer wilde ganzen te koop, maar de trend is daar: het gevogelte in het assortiment wordt steeds groter. Dertig jaar terug lag hoofdzakelijk kip in de winkel, maar daar zijn kalkoenen en zelfs struisvogels bij gekomen. Daar is vast aan gerekend. Tegelijkertijd vraag je je af, uit puur economische nieuwsgierigheid, waarom de gevogeltebranche geen kléinere vogeltjes is gaan kweken. Uit het wild vangen mag natuurlijk niet, maar fokken: waarom niet?

Neem nu de ortolaan, een klassieke delicatesse. Petieterig, maar exquise. Voor de doodzieke Franse president Francois Mitterrand in 1996 Magere Hein verwelkomde, bestelde hij een galgenmaal van oesters, foie gras en ortolaan. Hij at het gebraden beestje met ingewanden en al op, gedoken onder een doek, zodat de fijne geuren niet verloren gingen. Kijk, dat maakt toch nieuwsgierig – en de marketing ligt voor het oprapen.

Tot die ortolanen er zijn, moeten we het doen met de kleinste voorhanden vogels: kwartels. Met deze Arabische versie kan smaaktechnisch niets verkeerd gaan, als je je maar aan de simpele regel houdt dat in Arabische vleesvulling altijd noten zitten, iets zoets van vruchten en een hint van ras-al-hanout, wat zoiets betekent als “het beste van de winkel.”

Dat laatste is een kruidenmengsel. Er zijn dus geen ras-al-hanout-planten, net zo min als er kerriestruiken zijn. Er zit ondermeer kruidnagels, chilipeper, koriander en komijn in.

lees verder

We kookten vier gerechten uit Arabia deze week, een kookboek van Merijn Tol en Nadia Zerouali. Ik zou je er het liefst nog minstens tien geven. De gerstesoep met arganolie en anijszaad, de Syrische koffie met rozen, alle Tunesische groentesalades, de tajines met lamsvlees en gekonfijte sinaasappel; allemaal recepten die uitnodigen tot een bezoek aan de Turkse groenteboer-slash-minisupermarkt of aan de Marokkaanse slager-die-behalve-vlees-eigenlijk-alles-verkoopt.

Maar de week is om. Daarom rest ons nog slechts één laatste gerecht: kibbeh. Kibbeh wordt in veel landen in het Midden-Oosten gegeten. Het kan de vorm hebben van een taart of van ovalen balletjes. In beide gevallen gaat het om een vulling van gehakt, in een deeg waarin eveneens gehakt verwerkt is. Onderstaand recept komt uit Libanon en bevat, behalve lams- en kalfsgehakt ook pistachenootjes. Het is een kibbeh in taartvorm, en als hoofdgerecht, met een salade en brood erbij, voldoende voor 6 personen.

lees verder

Vincisgrassi is een stevige lasagne uit de Italiaanse provincie Marche. Het gerecht zou zijn genoemd naar ene prins Windischgratz, een Oostenrijkse generaal. Ik stel me daar zo’n pompeuze pafferige negentiende-eeuwse prins bij voor die, terwijl om hem heen zijn manschappen voor volk en vaderland sneuvelen, een smetteloos witte slabbe voorknoopt om doodgemoedereerd vijf gangen te lunchen in zijn chique tent. Nomen est omen en vincisgrassi klinkt goed vet.

Het oorspronkelijke gerecht bevat gruwelijke hoeveelheden boter en orgaanvlees, zoals kalfszwezerik en hersenen. Omdat zwezerik duur is en hersenen eng zijn, gaat er kalfsgehakt in mijn vincisgrassi. En omdat we in de 21ste eeuw leven stukken minder boter. lees verder