Berichten met de tag Paprika

Vlakbij mijn huis bevindt zich de perfecte picknickplek. Dichtbij genoeg om met een volle picknickmand naartoe te lopen, maar wel zo ver weg dat je even flink baalt als je de kurkentrekker vergeten bent.

Ik heb hier al behoorlijk wat vrije uurtjes doorgebracht en soms als het heel warm weer is, verplaats ik zelfs mijn kantoor naar buiten en pen ik op een picknickkleedje mijn verhalen neer in mijn kladblok.

Waarom dit de perfecte picknickplek is? Het ligt heerlijk rustig aan het water, met uitzicht over schattige poortwachtershuisjes, woonboten en charmante oude bruggetjes. Omdat je met een trappetje naar beneden moet heb je geen last van fietsers die in je picknickmand proberen te gluren en omdat er de hele dag zon is, is deze plek ’s zomers de ideale stek om te zonnen, zwemmen en lekker buiten te eten.

lees verder

Deze zomer gaan wij voor het eerst sinds jaren niet op kampeervakantie naar  de Veluwe. De afgelopen weken heb ik mezelf -als er weer een herfstig buitje viel- regelmatig gefeliciteerd met deze  beslissing. Toch mis ik de dennenlucht van het bos waar we altijd staan ook een beetje. En het geklooi rond de tent. En het karretje bij de ingang van de camping waar zoon en dochter iedere ochtend van die oer-Hollandse croissantjes en stokbrood gingen halen.

Dat stokbrood zit sinds jaar en dag verpakt in dezelfde papieren zak. Er staat een tekeningetje op van twee wijnglazen en een brandend kaarsje en daarnaast staat een  ‘serveersuggestie’ (een van mijn lievelingswoorden). ‘Snij het brood in de lengte door, bestrijk beide helften met leverworst en verwarm het in de oven. Garneer eventueel met augurken’.  Ik genoot ieder jaar zeer van die zak. lees verder

Er zijn een aantal plekken die je beter kunt vermijden als je gegarandeerd goed wilt eten. Met stip bovenaan staat het festivalterrein. Ik vind het heel erg leuk om ’s zomers ergens in een park of weiland op een picknickkleedje te genieten van optredens en dansende mensenmassa’s, maar dit genot voor je oren gaat helaas vaak wel gepaard met een catastrofe voor de inwendige mens.
Mijn eerste ervaring met dit fenomeen was een aantal jaar geleden tijdens Koninginnedag. Met een paar vrienden vierde ik de verjaardag van onze vorstin in de hoofdstad en door een beperkt voedselaanbod bestond ons menu van die dag uit broodjes hamburgers, hotdogs, chips en McDonalds. Toen was ik inmiddels op een leeftijd waarvan het niet cool meer is om de hele dag ongezond te eten, en eEn week vol vadsige gevoelens en braakneigingen volgde.
lees verder

De Britse reisjournalist Pete McCarthy had een Eerste Reiswet: ‘Koop bij aankomst eerst een lokale krant en ga dan een kroeg in.’ Een werkbare wet. Hij biedt een anker wanneer je net dat mondiaal inwisselbare luchthaveninterieur hebt verlaten en bent geïnstalleerd op een al even universeel ingerichte hotelkamer. Ik heb ook een Eerste Reiswet: ‘Vraag bij aankomst waar de vismarkt is’ – en koop dán een lokale krant, enzovoorts.

Het vooruitzicht van een koel betegelde hal met vissen, kwikzilver, nog nat van zeewater, niet die doffe loodkleur die de vitrinedieren bij de detaillisten hier ontsiert, werkt onmiskenbaar rustgevend. Misschien zijn er weer exotische soorten onder, plastic kratten met krabben, houten kisten met schelpen, gapende muilen van zeeduivels, garnalen in alle schakeringen oranje. Geen idee waarom dat kalmerend is, misschien is het een afwijking, maar dan ken ik veel meer patiënten.

lees verder

„Ik heb laatst kip klaargemaakt.”
„Oh echt, hoe was dat? Smaakt een beetje naar krokodil hè?”

Het is een hardnekkig misverstand dat reptielen naar kip smaken. Alles dat wit is en niet direct te vergelijken met iets anders, vinden we dan maar naar kip smaken, lijkt het wel. Kan daar ook gelijk een labeltje op. Wel zo handig.

Maar dat doet het dus niet, naar kip smaken. Vogels, en dus ook kip, zijn waarschijnlijk wel directe afstammelingen van dinosaurussen. Maar ook velociraptorfilet heeft ongetwijfeld zo z’n eigen kwaliteiten en smaaksensatie. Net als krokodil dus. lees verder

Afgelopen weekend was ik op bezoek bij vrienden in Valencia. Naast een korte introductie met de stad en omgeving maakte ik ook kennis met de ambachtelijke Spaanse paella. Ik heb wel eens paella gegeten in een toeristenrestaurant in Barcelona, maar dat mag ik eigenlijk niet meetellen.

Paella eet je namelijk niet tijdens het avondeten, maar ’s middags (en dan het liefst op zondag) tussen twee en vier. Dus werd het tijd voor een herkansing en dat kan nergens beter dan in Valencia, waar de paella oorspronkelijk vandaan komt.  lees verder

Vorig weekend kreeg ik van mijn moeder een pasteivorm die nog van mijn oma is geweest en daar was ik helemaal niet blij mee. Er geldt namelijk een verscherpt toelatingsbeleid in mijn keuken en op de naleving daarvan wordt streng toegekeken door mijn echtgenoot. Er komt geen enkel stuk overbodig huisraad meer in. Alle kasten puilen uit van de gebarsten theekopjes en ontroerende bordjes die ik uit kringloopwinkels heb gered en hij vindt het hoog tijd dat ik onder ogen zie dat er een grens is aan wat een mens allemaal kan bewaren en verstouwen. De afspraak is dat alleen spullen die werkelijk functioneel en onmisbaar zijn een verblijfsvergunning krijgen. Vol is vol. lees verder

Vergelijk eens een kipkerrie-salade of een mayonaise uit een Nederlandse supermarkt met die uit een Belgische. Ze zijn hier altijd zoeter. Pizza Hawaï, zoetzure kip bij de Chinees, Nederlanders houden van zoet.

Niets mis mee, in principe. Maar er is één fantastische zoetmaker die men consequent links laat liggen: maple syrup. Ahorn- of suikeresdoornsiroop, in goed Nederlands. En dat is zo zonde. lees verder

Ik heb het al eerder gehad over mijn fascinatie voor ‘American road food’. Of correcter: voor wat ik me daarbij voorstel. Ik ben namelijk nooit in Amerika geweest en heb het dus nog nooit gegeten. Praktische bezwaren (vliegvrees, zwangerschappen) weerhielden mij tot nu toe van een rondreis door de uitgestrekte staten van the US of A. Plus de angst dat ik – zoals ik eerder al eens schreef – op de terugreis niet meer in mijn vliegtuigstoel pas.

Op de website van Amerikaanse kookboekenschrijfster Dorie Greenspan vond ik een recept voor een chili con carne-schotel, afgedekt met maïsbrood. Mijn hart ging direct sneller kloppen. Gelukkig smaakt zo’n voedzaam Amerikaans bonenschoteltje ook prima aan je eigen keukentafel, heb ik gemerkt. lees verder

Vis en het vroege christendom verhouden zich goed tot elkaar. Sterker, het visje zélf staat symbool voor Jezus Christus. Vier van Zijn discipelen waren in hun dagelijkse leven vissermannen en één van hen, Petrus, is nog altijd de beschermheilige van alle vissers van de christelijke wereld. Vissoorten met vlekken op hun flank hebben ook meestal iets met Petrus in de naam, omdat dit een afdruk van zijn vingers zou zijn. Petrus zou een vis hebben gevangen met een gouden munt in zijn bek, waarna deze hem tussen duim en wijsvinger had teruggezet. Zo heb je de Franse Saint Pierre en de Spaanse gevlekte rog, de raya de san pedro. Ook de donkere plekken op de zilveren flanken van de schelvis heten in de Urker en Katwijkse volksmond ‘petrusduimen’. Beetje raar verhaal eigenlijk: een vis met een gouden munt in zijn bek mag terug, blijft in leven. Maar het zegel van goedkeuring dat Petrus zelve de hele soort heeft verleend, weerhoudt zijn beschermelingen er blijkbaar niet van om de diertjes met duizenden tonnen tegelijk tot visstick te veroordelen.

lees verder