Berichten met de tag Sinterklaas

We kookten deze hele week uit Specerijen van Jane Lawson, naslagwerk en receptenbundel ineen. Om in de Sintstemming te komen, heb ik voor vandaag het Sinterklazerigste recept uit het boek gekozen: peper-amandelkoekjes.

Peper is zo vertrouwd dat je bijna zou vergeten dat-ie in het rijtje exotische specerijen thuishoort. De piper nigrum is de onrijpe vrucht van een Indiase slingerplant. Hij wordt groen geplukt, en soms als zodanig geconserveerd op azijn of pekel. Wanneer het vruchtje wordt gekookt en gedroogd, fermenteert het en ontstaan zwarte peperkorrels. Voor witte peper worden diezelfde zwarte peperkorrels geweekt. Er zijn peperkorrels gevonden in de neusgaten van de gemummificeerde Ramses de Tweede. En tijdens het Romeinse keizerrijk golden de besjes niet alleen als verfijnde smaakmaker, maar ook als wettig betaalmiddel. lees verder

De Sint woelde door zijn witte haar / het waren zware tijden  / want waarmee zou hij in Pietsnaam dit jaar / de lezers van zijn kookrubriek verblijden? /  Het was niet dat zíj zo blasé waren / of hijzelf zo ongeïnspireerd / maar in de loop van de laatste jaren / was alles reeds de revue gepasseerd. / Van suikerwerk tot marsepein/ van speculaas tot pepernoten / van erwtensoep tot bisschopswijn; / hij had zijn kruit al drie keer verschoten./

Kruit, kruit, dat rijmt toch zo goed als op kruid? /  De Sint leek acuut op te fleuren / hij wist het, hij was eruit / hij zou schrijven over geuren./ Want hoorde niet de geur van kaneel / van kruidnagel en van nootmuskaat / bij het Sinterklaasritueel / als een lepeltje bij advocaat? / Bovendien had hij in de zak van Piet/ een vuistdik boek zien gloren/ met fijne recepten op specerijengebied./ Afijn, zo werd dit weekthema geboren. lees verder

Vorige week donderdag beloofde ik om op 4 december een ultiem huisvrouwerig recept voor een gevuld speculaashart te geven. Maar Isabel schreef op mijn weblog dat postmoderne vrouwen helemaal geen tijd hebben om op maandagmiddag te staan koekenbakken. Aangezien zij daar zonder twijfel gelijk in heeft, houden we het thema Spanje voor deze week voor gezien. Opdat alle druk, druk, drukke premoderne en postmoderne huisvrouwen, metromannen en übersexuelen die stiekem van bakken houden dit weekend hun schortje voor kunnen binden.

lees verder

Traditionele recepten voor de feestdagen, heet het ringbandbundeltje dat voor mijn neus ligt. Het is geschreven door ene mevrouw Heleen A. M. Halverhout, die haar werk heeft opgedragen ‘aan Janny, Kees en hun kinderen in Australië en aan alle emigranten die over de hele wereld zijn verspreid’. In het voorwoord hoopt Heleen ‘dat zowel de Nederlandse als de geëmigreerde huisvrouw voor iedere feestelijke gelegenheid iets van hun gading in dit boekje kunnen vinden’. Want, zo verzucht ze, ‘vroeger werd door de huisvrouwen veel meer werk gemaakt van het bereiden van al deze baksels dan thans’.

lees verder

Op een dag was hij er gewoon. Ik had geen idee waar hij vandaan kwam en waarom hij mij had opgezocht. Het taai-taaimannetje was een merkwaardig schepseltje. Hij was honingbruin met donkere lijnen op zijn lijfje en hij rook een beetje naar anijs.

Ik noemde hem TT. Dat vond hij best. We speelden samen met de lego of de treinbaan. TT was net als ik dol op ijsjes en plaatjesboeken. Hij ging mee naar buiten om te voetballen of om spinnen te vangen in de tuin. Maar alleen als het niet regende. TT hield niet van regen. „Daar word ik papperig van”, zei hij. Ik wist niet zo goed wat papperig betekende, maar het leek me gevaarlijk. Dus bleven we binnen.

lees verder

“Oh, wat leuk, kom je knutselen?” riep Tijns juf verbaasd. Ik stond besluiteloos naar de intekenlijst voor sinterklaas-knutselouders te staren toen ze langsliep. Welja, het moest er maar eens van komen. Je hebt van die moeders die zo’n beetje op de school van hun kinderen wonen. Die én overblijfmoeder én leesmoeder én klassenmoeder zijn, en die ieder jaar met Pasen, suikerfeest, divali, sinterklaas en de oecomenische chanouka/kerstviering de school feestelijk versieren (en na afloop de hele zooi ook weer opruimen). Ik ben meer zo’n moeder die elke ochtend net nadat de bel is gegaan haar kind op het laatste lege stoeltje in de kring duwt, belooft morgen zijn diksap en gymspullen níet te vergeten en na een vluchtige zoen de school weer uitrent op weg naar dringende grote-mensen-bezigheden.

lees verder

Zo halverwege november, wanneer guur weer iedereen van de straat hield en je je tussen schooltijd en het avondeten te pletter verveelde, werd het bij ons thuis feest. De komst van de goedheiligman betekende voor mijn broer en mij maar één ding: zoetigheid.

Mijn moeder, van nature geneigd tot matigheid en in staat een gekregen doos bonbons te laten bederven, regeerde het hele jaar door met strenge hand over de snoeptrommel. Maar we mochten wél zelf borstplaat maken.

Liters slagroom en bergen suiker vielen ons ten deel. Zelf wegen, zelf het vuur aansteken en zelf koken. Daarna begon het roeren. Roeren gebeurde met een metalen lepel, nooit met een houten. Wanneer je de lepel door de zacht bubbelende massa bewoog, kraste de suiker tegen de bodem van de pan.

lees verder